Schrif­te­lijke vragen over het houden van konik­paarden in een gesloten gebied zonder beschutting


Ontbreken van wettelijk verplichte beschutting

Datum: 24 juni 2019

Geachte Voorzitter van Provinciale Staten,

Overeenkomstig artikel 23, lid 1 en 2 van het Reglement van Orde stelt de fractie van de Partij voor de Dieren de volgende vragen aan het college van Gedeputeerde Staten over het houden van konikpaarden in een gesloten gebied zonder beschutting:

  1. In navolging van het besluit om de konikpaarden te verplaatsen uit de Oostvaardersplassen, heeft Staatsbosbeheer sinds begin juni bijna 200 konikpaarden opgesloten in een vangkraal op de open grasvlakte van de Oostvaardersplassen. Deze gehouden dieren hebben de beschikking over hooi en drinkwater, maar niet over de wettelijk verplichte beschutting (Wet Dieren, besluit Houders van Dieren). Hoe ziet het college als verantwoordelijke voor het welzijn van de grote grazers in de Oostvaardersplassen toe op onmiddellijke naleving van deze wetgeving?
  2. Heeft het college aangedrongen bij Staatsbosbeheer om binnen de vangkraal te voorzien in de wettelijk verplichte beschutting? Zo nee waarom niet?
  3. Deelt het college de mening dat de overheid, als bos- en natuurbeheerder van de Nederlandse Staat, het goede voorbeeld moet geven ten aanzien van de uitvoering van haar eigen wetgeving? Zo nee, waarom niet?
  4. Is het college als verantwoordelijke bereid om direct zorg te dragen voor beschutting, danwel het openstellen van de vangkraal, om zo te voldoen aan de wettelijke vereisten, en het bieden van een keuzevrijheid voor dieren in de behoefte in het al dan niet gebruik maken van beschuttingsgebieden? Zo nee, waarom niet?
  5. Is het college voornemens om een handhavingsverzoek in te dienen bij het nVWA, danwel aangifte te doen van deze wetsovertreding tegen Staatsbosbeheer, zodat wordt voorzien in de wettelijke verplichting tot het bieden van beschutting voor gehouden dieren? Zo nee, waarom niet?
  6. Is het college bereid om deze vragen met spoed te beantwoorden, gezien de voorspelde hittegolf de komende dagen en de afgekondigde hitteplan door het RIVM in zeven provincies, waaronder Flevoland?

Bij voorbaat dank voor de spoedige beantwoording.

Namens de Flevolandse fractie van de Partij voor de Dieren,

Leonie Vestering, Partij voor de Dieren, lid Provinciale Staten

Antwoorddatum: 3 jul. 2019

Schriftelijke statenvragen van de statenfractie van de Partij voor de Dieren over beschutting voor de Konikpaarden in de Oostvaardersplassen, ingediend op 24 juni 2019, en de antwoorden daarop van het college van Gedeputeerde Staten zoals vastgesteld op 2 juli 2019 (2443654).

Vraag 1) In navolging van het besluit om de konikpaarden te verplaatsen uit de Oostvaardersplassen, heeft Staatsbosbeheer sinds begin juni bijna 200 konikpaarden opgesloten in een vangkraal op de open grasvlakte van de Oostvaardersplassen. Deze gehouden dieren hebben de beschikking over hooi en drinkwater, maar niet over de wettelijk verplichte beschutting (Wet Dieren, besluit Houders van Dieren). Hoe ziet het college als verantwoordelijke voor het welzijn van de grote grazers in de Oostvaardersplassen toe op onmiddellijke naleving van deze wetgeving?

Antwoord:

Wat nodig is in het kader van zorg en welzijn van de Konikpaarden in de vangweide is geregeld in de Wet dieren en daarop gebaseerde besluiten. De minister is het bevoegd gezag in het kader van de Wet dieren. De Nederlandse voedsel- en warenautoriteit (NVWA) houdt namens de minister toezicht op de naleving van de wet. Het College van Gedeputeerde Staten heeft hier geen rol in.

De Wet dieren en de daarop gebaseerde besluiten kennen geen wettelijke verplichting tot beschutting voor de Konikpaarden. In artikel 1.6 van het besluit houders dieren staat dat een dier, indien het niet in een gebouw wordt gehouden, bescherming wordt geboden tegen slechte weersomstandigheden, gezondheidsrisico's en zo nodig roofdieren. Dit artikel schrijft niet voor op welke wijze de dieren bescherming moet worden geboden tegen slechte weersomstandigheden. De desbetreffende bepaling is een doelvoorschrift en dat wil zeggen dat het in dit geval aan

Staatsbosbeheer, als verantwoordelijke voor de Konikpaarden, is om, rekening houdend met alle specifieke omstandigheden, een situatie te creƫren die voldoende bescherming biedt voor de dieren. Bij twijfel beoordeelt een inspecteur van de NVWA of er aan de wettelijke voorschriften voldaan wordt.

Staatsbosbeheer heeft ons laten weten dat de NVWA regelmatig inspectiebezoeken aan de vangweide brengt. Tijdens een bezoek op 24 juni zijn de door Staatsbosbeheer gemaakte keuzes met betrekking tot de warme weersomstandigheden met de NVWA besproken. De desbetreffende controleur heeft aan Staatsbosbeheer laten weten dat de NVWA vindt dat er goed is nagedacht over de te nemen maatregelen en dat er plausibele keuzes zijn gemaakt.

Staatsbosbeheer heeft verder in een blog van 21 juni 2019 toegelicht dat de ervaring leert dat Konikpaarden bij warme weersomstandigheden over het algemeen op de open vlakte blijven en verkoeling door de wind verkiezen. De Konikpaarden buiten de vangweide zijn eveneens,op de open vlakte gebleven en hebben geen beschutting opgezocht. Daarnaast heeft Staatsbosbeheer in de afweging meegenomen dat de dieren goed in de gaten worden gehouden door de kuddebeheerder en de externe dierenarts, en dat het aanbrengen van beschutting tot extra stress kan leiden.

Staatsbosbeheer heeft laten weten dat ervoor is gekozen om de dieren vanwege het warme weer van extra drinkwater te voorzien. De paarden verblijven slechts tijdelijk in de vangweide als tussenstap in de herplaatsing, zoals opgenomen in het beleidskader beheer Oostvaardersplassen. Staatsbosbeheer heeft aangegeven dat het aanbrengen van beschutting door hen is overwogen, maar mede gelet op de onrust die het voor de dieren mee zou brengen er niet voor gekozen is dat uit te voeren.

Deze onrust wordt niet alleen veroorzaakt door het aanbrengen van de beschutting zelf maar ook door het plaatsen van vreemdevoorwerpen waar de dieren niet aan gewend zijn. Voordat de paarden er aan gewend zijn, vertrekt het transport. Daarbij komt, zo geeft Staatsbosbeheer aan, dat de meeste paarden in de vangweide al langer in het gebied leven en dus vaker warme weersomstandigheden hebben meegemaakt. In het verleden was er voor deze dieren de mogelijkheid om naar het Kotterbos te gaan en daar de schaduw op te zoeken. De Konikpaarden hebben dat eigenlijk nooit gedaan, verkozen om op de vlakte te blijven. De Konikpaarden die nu op de vlakte leven trekken ook op dit moment niet naar het bos.

Vraag 2) Heeft het college aangedrongen bij Staatsbosbeheer om binnen de vangkraal te voorzien in de wettelijk verplichte beschutting? Zo nee waarom niet?

Antwoord: Er is geen wettelijke verplichting voor beschutting en het college heeft daarom geen reden om bij Staatsbosbeheer hierop aan te dringen.

Vraag 3) Deelt het college de mening dat de overheid, als bos- en natuurbeheerder van de Nederlandse Staat, het goede voorbeeld moet geven ten aanzien van de uitvoering van haar eigen wetgeving? Zo nee, waarom niet?

Antwoord: Het college deelt de mening dat Staatsbosbeheer als goed beheerder zich dient te houden aan de relevante wetten en voorschriften.

Vraag 4) Is het college als verantwoordelijke bereid om direct zorg te dragen voor beschutting, dan wel het openstellen van de vangkraal, om zo te voldoen aan de wettelijke vereisten, en het bieden van een keuzevrijheid voor dieren in de behoefte in het al dan niet gebruik maken van beschuttingsgebieden? Zo nee, waarom niet?

Antwoord: Nee, daar zien wij geen aanleiding voor, zie ook het antwoord op de eerste vraag.

Vraag 5) Is het college voornemens om een handhavingsverzoek in te dienen bij het NVWA, danwel aangifte te doen van deze wetsovertreding tegen Staatsbosbeheer, zodat wordt voorzien in de wettelijke verplichting tot het bieden van beschutting voor gehouden dieren? Zo nee, waarom niet?

Antwoord: Nee, de NVWA is regelmatig in het gebied aanwezig. Zie ook het antwoord op de eerste vraag.

Vraag 6) Is het college bereid om deze vragen met spoed te beantwoorden, gezien de voorspelde hittegolf de komende dagen en de afgekondigde hitteplan door het RIVM in zeven provincies, waaronder Flevoland?

Antwoord: Het college heeft de vragen zo snel mogelijk beantwoord.