10 juni 2025

Flevolandse visie op landbouw

Stilstand als achteruitgang

Pexels markusspiske 1268101

Tijdens de Provinciale Staten van 28 mei 2025 is de Visie op Landbouw vastgesteld. Na een lang proces had dit bij uitstek hét document voor onze provincie moeten worden, met een toekomstbestendige basis voor een provincie die zichzelf blijvend wil positioneren als het kloppende hart voor landbouwinnovatie.  

In plaats van richting te geven aan een noodzakelijke transitie naar een landbouwsysteem dat diervriendelijk, ecologisch houdbaar, rechtvaardig en sociaal verantwoord is, blijft de visie hangen in vrijblijvendheid en achterhaalde denkkaders. Waar scherpe keuzes nodig zijn, wordt getwijfeld. Waar grenzen overschreden worden op het gebied van waterkwaliteit, biodiversiteit en dierenwelzijn wordt weggekeken. En waar urgentie geboden is, wordt vooral ingezet op vertraging, uitstel en ‘onderzoek’. 

De opgaven zijn helder, de wettelijke kaders zijn bekend en het maatschappelijk draagvlak voor verandering groeit. Toch durfde een meerderheid van de Staten het niet aan om duidelijke kaders vast te stellen of concrete stappen richting een andere landbouw te zetten. Daarmee laat Flevoland kansen liggen: voor haar boeren, voor haar inwoners, voor haar natuur én voor haar reputatie als innovatieve landbouwprovincie. 

Flevoland had in 2024 wederom méér runderen en kippen dan in 2023, terwijl er op alle vlakken een duidelijk signaal is: het aantal gehouden dieren moet drastisch omlaag om de uitstoot van broeikasgassen, stikstof en fijnstof te beperken, de waterkwaliteit te verbeteren en het landgebruik efficiënter en eerlijker in te richten. Toch lijkt de provincie, ondanks eigen ambities en een groeiende maatschappelijke urgentie, nauwelijks bereid om echte keuzes te maken. In plaats van in te zetten op krimp van de veestapel en een transitie naar plantaardige en natuurinclusieve landbouw, kiest Flevoland met haar landbouwvisie vooral voor behoud van het bestaande systeem: Een systeem waarin ruim de helft van het beschikbare water in de landbouw naar de veehouderij gaat, terwijl huishoudens worden aangespoord zuiniger te zijn met kraanwater. Waarin vruchtbare akkerbouwgrond wordt opgeslokt door intensieve veehouderij én bloembollenteelt, die nauwelijks bijdragen aan voedselzekerheid. Waarin boeren, vast in het keurslijf van schaalvergroting en afhankelijkheid, geen realistisch alternatief krijgen aangeboden. 

Wat had erin kunnen staan? 

De Partij voor de Dieren heeft een aantal moties en amendementen ingediend om te proberen er toch nog wat van te maken: 

 

Rondom gentech hebben we gelukkig een toezegging weten op te halen, maar verder hebben onze voorstellen het niet gehaald. Nu we over de helft van deze Statenperiode zitten is goed te zien wat een toekomst onder een conservatief regime met BBB inhoudt: geen toekomstgerichtheid, geen dappere keuzes, en uitstel van executie in plaats van oplossingen.  

De Flevolandse visie op landbouw had richtinggevend moeten zijn: een kompas voor een gezonde, toekomstbestendige landbouw die de ecologische grenzen van onze provincie respecteert en onze boeren zekerheid biedt in onzekere tijden. In plaats daarvan hebben we een document dat geen feitelijk toekomstperspectief biedt voor de dieren, de boeren en de burgers.